Ingevolge de wet van 26 maart 2014 en de wet van 30 juli 2013 wijzigt - deels vanaf 1 juli 2014 en deels vanaf 1 september 2014 - de materiële bevoegdheid van de vrederechters en van de rechtbanken van koophandel. De krachtlijnen van de hervorming luiden als volgt.
De vrederechter was voorheen bevoegd om uitspraak te doen over geringe vorderingen, zijnde alle geschillen die de waarde van 1.860,00 EUR niet overschrijden. Hieraan worden twee zaken gewijzigd:
Eveneens sedert 1 juli 2014 wordt de vrederechter bevoegd voor de woonplaats van de verwerende partij exclusief bevoegd om te oordelen over vorderingen van nutsbedrijven en leveranciers van telecomdiensten (telenet, electrabel, …) mits het gaat om vorderingen tegen particulieren, en dit onafhankelijk van het bedrag van de inzet. Voorheen viel de bevoegdheid over dergelijke vorderingen van boven de 1.860,00 EUR toe aan de rechtbank van eerste aanleg.
Stappers Advocaten heeft een ruime ervaring in de behandeling van geschillen voor de diverse rechtbanken, zowel voor een eisende als voor een verwerende partij.